Chronisch ZorgNet
  • Menu
Osteoporose, vallen en breken
Perifeer arterieel vaatlijden

Eindevaluatie Zinnige Zorg traject PAV

01 oktober 2021

In 2016 startte Zorginstituut Nederland het traject Zinnige Zorg Perifeer Arterieel Vaatlijden. De kwaliteit van zorg voor patiënten met PAV is afgelopen jaren met alle betrokken partijen (o.a. beroepsverenigingen, de patiëntvereniging en zorgverzekeraars) geëvalueerd en geoptimaliseerd. Enkele verbeterpunten die gezamenlijk zijn aangepakt zijn de organisatie van de enkel-arm index (EAI) en betere toepassing van ‘stepped care’ zorg. Hoewel de richtlijnen reeds gesuperviseerde looptherapie als primaire behandeling voorschrijven, middels een verwijzing uit de eerste lijn, bleek dit lang niet altijd de dagelijkse praktijk.

Chronisch ZorgNet heeft een actieve rol gespeeld om verbeteringen in de zorg voor patiënten met PAV te realiseren. In samenwerking met de kaderartsen Hart/Vaat is een scholing voor eerstelijns verwijzers ontwikkeld over diagnostiek en behandeling. Met deze scholing zijn 1250 eerstelijns verwijzers in meer dan 30 regionale zorggroepen bereikt. Aangezien bij iedere scholing een Chronisch ZorgNet therapeut aanwezig was, hebben veel huisartsen en POH’s kennis gemaakt met de meerwaarde van een Chronisch ZorgNet therapeut. Voor huisartsen is daarnaast een artikel  in Huisarts en Wetenschap gepubliceerd, om ook via deze weg het belang van een stepped-care behandeling toe te lichten.

Vandaag wordt de eindevaluatie van het Zinnige Zorg Perifeer Arterieel Vaatlijden gepresenteerd aan de minister, waarmee het traject officieel wordt afgesloten. In de afgelopen jaren kunnen we met trots zeggen dat er een aantal grote stappen zijn gezet! Uit een recent gepubliceerd onderzoek van Sandra Janssen (promovenda Chronisch ZorgNet) bleek dat in 2013 63% van alle PAV-patiënten in Nederland primair werd doorverwezen naar een gespecialiseerd therapeut voor een traject GLT. Mede dankzij onze gezamenlijke inspanningen is dit aantal gestegen naar 87% in 2017. Parallel hieraan is het aantal dotterbehandelingen voor deze patiëntencategorie afgenomen. In datzelfde onderzoek werd aangetoond dat het overgrote merendeel (83%) van ‘GLT-patiënten’ na 5 jaar geen verdere (dotter)behandeling nodig hadden.

Ondanks de afsluiting van het ZINL traject blijven we bij verwijzers natuurlijk onder de aandacht brengen dat hun patiënten het best af zijn bij een Chronisch ZorgNet therapeut. Afgelopen week verscheen bijvoorbeeld een artikel van Marijn v.d. Houten (promovendus Chronisch ZorgNet), waarin de zorg voor PAV en de essentiële rol van de Chronisch ZorgNet therapeut breed wordt uitgemeten in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. Klik hier voor de samenvatting.

Terug naar overzicht